Header image

Door R. de Kooker.

Excent Quality System en ISO 9001 certificering zorgen voor waarborging.

Excent Tandtechniek biedt tandheelkundigen meer dan alleen kwalitatief hoogwaardige
restauraties.
Klantgerichte oplossingen zoals goede digitale werkstukregistraties en
de traceerbaarheid van restauraties is te vinden bij de bijna dertig Excent laboratoria.
Op kennisgebied dragen de bijeenkomsten van de Excent Educa Club – vaak goed voor
meerdere KRT-punten – een steentje bij.

Ook intern bij Excent zijn er opleidingstrajecten en duidelijk gestructureerde processen.
Officemanager Maria Schmeets van het Excent Service Center in Gouda licht deze processen toe:
 “Onze werkwijze staat geregistreerd in het Excent Quality System (EQS).
Dit is om te waarborgen dat bij alle Excent vestigingen volgens dezelfde
procedures wordt gewerkt. Zo klinkt onze missie ‘helpende handen voor mooie tanden’
overal door, zowel op managementniveau als bij marketing, communicatie, inkoop en in onze
uitvoerende tandtechnische taken.” Om kwaliteit te waarborgen draait het EQS om het
‘Wiel van succes’. Hierin staan de waarden van Excent uiteengezet. Klantgericht werken is
daarbij een speerpunt. Maria: “In mei van dit jaar zullen we een klanttevredenheidsonderzoek
uitvoeren. Een belangrijk moment om van onze klanten en relaties te horen waar we onszelf
kunnen verbeteren.

ISO 9001 gecertificeerd
Excent werkt met het oog op de toekomst,zeker nu de digitalisering en de CAD/CAM
ontwikkelingen elkaar in rap tempo opvolgen. “Zaken die gecentraliseerd geregeld kunnen
worden, doen we vanuit het Excent Service Center in Gouda.
Natuurlijk is iedere vestiging zelf verantwoordelijk voor de kwaliteit van het werk
dat zij met zorg maken voor hun klanten.
Zij zorgen voor goede ingangs- en uitgangscontrole. Voordat men start met een werkstuk
wordt gecheckt of alle informatie compleet is om de opdracht goed te kunnen uitvoeren. Is het
werkstuk klaar dan wordt door de eindcontroleur in het laboratorium bekeken of het werkstuk
ook aan de wensen en instructies voldoet.
Deze eindcontrole waarborgt de constante kwaliteit van alle tandtechnische werkstukken waar de
tandarts en patiënt recht op heeft.”
Inmiddels is het EQS getoetst aan de kwaliteitsmanagementeisen van de NEN-EN-ISO 9001 certificering.
Hiertoe heeft de  onafhankelijke certificering instantie TÜV Nederland begin februari bij het
Excent Service Center en de Excent laboratoria een audit gedaan.
Excent Tandtechniek mag zich nu officieel ISO 9001 gecertificeerd noemen. Door deze
internationale erkenning kunnen alle relaties van Excent er vanuit gaan dat er niet alleen gesproken
wordt over kwaliteit, maar dat er ook kwaliteit geleverd wordt.

Door: R. de Kooker en D. Schaap

Het vervaardigen van prothetische werkstukken gebeurt al sinds de jaren vijftig van de vorige eeuw met polymethylmethacrylaat (PMMA). Maar door de ontwikkeling en verdergaande toepassing van lichaamsvreemde materialen in tandheelkunde en tandtechnische materialen, lijkt het aantal allergische reacties toe te nemen. Een mooi alternatief voor PMMA is het werken met thermoplastische kunststof.

“Vooral oudere collega’s in de tandheelkunde en tandtechniek zullen ze nog wel kennen: de moeizaam geproduceerde gevulkaniseerde rubberen protheses. De opkomst van PMMA vervaardigde protheses was dan ook een verademing”, vertelt Rob Markus, Kwaliteitsmanager Tandtechniek bij Excent. “De kwaliteiten van een PMMA werkstuk waren superieur ten opzichte van de rubberen prothese. Maar ondanks de razendsnelle
ontwikkelingen op het gebied van kunststoffen wordt na zestig jaar het merendeel van de gebitsprotheses nog steeds geproduceerd met producten gebaseerd op een tweecomponenten MMA-PMMA systeem. Het enige verschil met de vorige eeuw is dat het gieten van werkstukken nu de standaard is, waar eerst nog alles geperst werd.”

Allergische reacties
Patiënten met gevoeligheid voor lichaamsvreemde materialen vertonen meer en meer allergische reacties op partiële en volledige PMMA vervaardigde gebitsprotheses. “Het is zaak om voor die situaties op zoek te gaan naar alternatieve technieken. In de afgelopen veertig jaar zijn onder andere lichtuithardende pastasystemen tot magnetronpolymerisatie en van gesloten injectietechniek tot thermoplastische systemen de revue gepasseerd. Vooral die laatste techniek kent vele varianten en mogelijkheden, maar vanwege het flexibele karakter en vaak slechte uitziende kwaliteit van de materialen zijn thermoplastische systemen nooit echt  
“populair geworden in Europa. Terwijl het aantal allergische reacties op thermoplasten aanzienlijk minder is.”

Thermoplasten
Thermoplasten zijn polymeren die door temperatuurverhoging reversibel vloeibaar worden gemaakt. Door thermoplasten in gesmolten toestand in een vorm te brengen, kunnen deze gefixeerd worden na afkoeling.
Rob Markus: “Thermoplasten zijn volledig vrij van restmonomeren, versnellersystemen en stabilisatoren. Bovendien hebben thermoplastische producten altijd een homogene samenstelling en is het consistent tijdens de
verwerking. Daarnaast vormen thermoplastische materialen geen belasting voor de verwerker, wat wel zo prettig is.” De meest gebruikte thermoplastische producten zijn gebaseerd op polyamide. “Polyamiden kenmerken
zich door hun flexibiliteit, taaiheid, hoge breuksterkste, transparantie en hitte en chemische bestendigheid. Zo bieden producten zoals Vertex ThermoSens een uitstekend alternatief voor patienten met een gevoeligheid voor PMMA.”

Excent Tandtechniek Het Groene Hart (voorheen Stolwijk en Gouda) heeft kennis, kunde en materialen in huis om prothetische werkstukken om te zetten in thermoplastische kunststof.
Neem voor vragen over kosten en levertijden van ThermoSens contact op met Ruud Tomberge, bel 0182-519533 of mail r.tomberge@excent.eu.

De tandheelkundige wereld staat aan de vooravond van een revolutie. Met ingang van 1 januari 2012 gelden als experiment voor de duur van maximaal drie jaren vrije tarieven, met de mogelijkheid van een verlenging van twee jaren. Voor tandartsen, mondhygiënisten, orthodontisten en tandprothetici betekent dit meer dan alleen prijzen bepalen. Kwaliteit waarborgen en het communiceren van tarieven in de praktijk is belangrijker dan ooit om patiënten te behouden.
 
“De vrije tarievenmarkt vraagt om onderscheidend vermogen. Om te kunnen concurreren met andere tandheelkundigen komen ineens nieuwe aspecten van bedrijfsvoering aan het licht, zoals scherpe inkoop en duidelijke marketingcommunicatie.” Aldus Hidde Hoeve, algemeen directeur van Excent Tandtechniek. “Met Excent spelen we hierop in met het 3-lijnenconcept; een keuzeconcept voor tandtechnische restauraties. Hierdoor kunnen tandartsen tegen vrijwel ieder budget tandtechnische oplossingen inkopen. Tegen de optimale prijs/kwaliteit verhouding die u van Excent gewend bent.”

Dentity: marketing in de praktijk
Naast het 3-lijnenconcept heeft Excent nog een ijzer in het vuur als het gaat om de veranderingen in de markt van de mondzorg. Samen met reclame/communicatiebureau Verheul Communicatie uit Alphen aan den Rijn biedt Excent een marketingcommunicatie concept voor tandartspraktijken: Dentity. Hidde Hoeve: “Dentity is marketing in de praktijk. In vier stappen helpen we tandartspraktijken naar een succesvolle marketingstrategie, waarmee u uiteraard voldoet aan de wettelijke eisen rondom de vrije prijsvorming.” Zo is het vanaf 1 januari 2012 verplicht voor tandartspraktijken om een prestatielijst van tandheelkundige behandelingen met prijslijst duidelijk op de praktijkwebsite en in de praktijk te communiceren. “Het gaat om duidelijke communicatie, begrijpelijke offertes en facturen, patiënten voorafgaand aan en na afloop van behandelingen informeren. Dentity helpt tandartspraktijken aan de wettelijke eisen te voldoen en meer: met een sterke communicatiestrategie kunt u uw praktijk positioneren een duidelijke boodschap afgeven waarom patiënten, behalve voor de scherpe tarieven, nog steeds voor uw praktijk moeten kiezen.”

Wilt u meer weten over de vrije tarieven in de mondzorg en wat Excent voor u kan betekenen?
Bezoek www.excent.eu/3-lijnenconcept of
ga naar www.dentity.nl

‘Ideaal bij ruimtegebrek, minder reparaties’

Bij het vervaardigen van een overkappingsprothese op natuurlijke elementen en/of implantaten zijn er vaak ruimte problemen ter hoogte van de attachments. Er moet dikwijls gekozen worden voor een ander attachment omdat anders het gevaar van breuk te groot is (Brewer en Morrow 1980). Een ander nadeel van te weinig ruimte is dat er afgewerkt moet worden met een dunne kunstharslaag, met het gevolg van doorschemeren van het attachment en later beuk van de kunsthars.

Problemen in het nazorgtraject beperken zich tot de attachments en de kunsthars. Overkappingsprothesen worden over het algemeen als dento-/implanto-mucosaal gedragen constructies gemaakt. Alle krachten die op de prothese worden uitgeoefend zullen daardoor op de mucosa en op de implantaten/natuurlijke elementen worden doorgevoerd. Genoemde problemen uiten zich met name in breuk of retentieverlies van de attachments en later in breuk van de kunsthars. Retentieverlies bij de attachments is relatief eenvoudig op te lossen bij de juiste keuze van het attachment in de juiste casus. Activeren van metalen clips en/op drukknoppen gaat relatief eenvoudig. Fracturen van attachments en breuk van de kunsthars liggen wat gecompliceerder. Allereerst gaan we ervan uit dat in een situatie waarbij er sprake is van breuk van attachment en breuk van kunsthars er andere oorzaken hieraan ten grondslag kunnen liggen. We laten deze buiten beschouwing, ervan uitgaande dat we hier te maken hebben met lege artis uitgevoerde behandeling en dat andere oplossingen zoals daar zijn rebasing of relining inmiddels zijn uitgevoerd.

Breuken
Breuk van de kunsthars is een veel voorkomend probleem met name bij de overkappingsprothese op natuurlijke elementen, als gevolg van te weinig intermaxillaire ruimte en/of een ‘te hoog’ vervaardigde suprastructuur. Bij een overkappingsprothese op implantaten zien we fractuur van de kunsthars met name distaal van de suprastructuren en/of linguaal in het onderfront. Vaak wordt daar een versterking aangebracht die moet voorkomen dat er breuk optreedt. Bij een overkappingsprothese op natuurlijke elementen is daar bijna helemaal geen ruimte meer voor en kiest men vaak voor het zeer dun uitwerken van de kunsthars om zo esthetisch nog een acceptabel resultaat te behalen (zie afbeelding). Juist op deze dun uitgewerkte plaatsen, omdat de huidige kunstharsen daarvoor niet geschikt zijn, breekt de prothese. Om dit soort problemen te voorkomen zou Vertex™ Implacryl een oplossing kunnen zijn. Uit de literatuur blijkt dat er diverse oplossingen zijn bedacht voor bovenstaande problemen. Er is geprobeerd deze problemen te voorkomen middels het maken van zachte bases in prothesen (Kiat-Amnuay et al, Journal of Prosthetic Dentistry 1999, Cain en Mitchell, International Journal of Oral and Maxillofacial Implants 1998). Er zijn ook nog wat andere behandelingen uitgevoerd om breuk van kunsthars te voorkomen. Er is zelfs gebruik gemaakt van een flexibele cast, zodat je met je kunsthars beter uit de voeten zou kunnen. (Boberick en Wyke, Journal of Prosthetic Dentistry 1999).

Regelmatige controle
Het nadeel van deze zachte basismaterialen in een overkappingsprothese is dat de zachte basis weer loslaat van de harde kunsthars. De buigzaamheid in dit materiaal van de zachte basis gaf het voordeel van het opvangen van de kauw- en andere krachten in de mond. De studie van Kiat-Amnuay gaf aan dat op siliconen gebaseerde bases meer retentief zijn dan de kunsthars-zachte-basismaterialen. Hetgeen inhoudt dat de voorkeur uitgaat naar gebruik van een siliconenbasis-kunsthars, als je kiest voor een zachte basis en om bovenstaande problematiek te vermijden. Echter, zoals gezegd, kwamen er weer andere problemen aan het licht of zijn er de bekende problemen met zachte-basis-materialen. Eén van de belangrijkste conclusies uit het onderzoek van Walton en Ruse, gepubliceerd in het Journal of Prosthetic Dentistry in 1995, is dat problemen met kunsthars en suprastructuren bij overkappingsprothesen meer te verwachten zijn als gevolg van functionele of parafunctionele krachten dan het in- en uitnemen, op lange termijn gezien. Hetgeen inhoudt dat regelmatige controle van overkappingsprothesen op natuurlijke elementen, dan wel implantaten, absoluut noodzakelijk is. 

Stevig en toch flexibel
Een ander belangrijk aspect met het oog op de mandibulaire overkappingsprothese op implantaten is de deformatie van de mandibula. Een belangrijk onderzoek van Hobkirk et al, Journal of Prosthetic Dentistry 1998, geeft aan dat de mandibulaire deformatie een significante invloed heeft op de krachtendistributie in de overkappingsprothese, gerelateerd aan de abutments en de wortels en/of implantaten. Hetgeen inhoudt dat in het geval van een overkappingsprothese, die volledig uit kunsthars is vervaardigd en dentomucosaal wordt gedragen, er toch een vorm van flexibiliteit in de kunsthars aanwezig moet zijn om deze deformatie te kunnen pareren. Verder zijn er in de literatuur diverse onderzoeken gedaan naar stressdistributie op de metaalconstructie, vervaardigd met porselein en kunsthars. De conclusie die daaruit getrokken moet worden is dat het niet zozeer uitmaakt welk materiaal er gebruikt wordt met het oog op krachten op natuurlijke wortels en/of implantaten. Niet-significante verschillen worden daar gevonden, hetgeen verklaart waarom er niet altijd een versterking noodzakelijk is bij een overkappingsprothese. De overkapppingsprothese op implantaten kan vervaardigd worden met of zonder infrastructuur (zie afbeelding) met name drukknoppen, magneten en staaf/hulsconstructies hebben vaak een ruimteprobleem. Dit kan opgelost worden met een steviger materiaal wat toch enige flexibiliteit heeft: Vertex™ Implacryl.

VERTEX™ IMPLACRYL
Vertex Implacryl is een extra sterke kunststof ontwikkeld voor de vervaardiging van volledige en partiële gebitsprothesen, en met name voor implantaatgedragen gebitsprothesen. Aan de kunststof van deze gebitsprothesen worden hogere eisen gesteld door de dunne en dus vaak zwakke plekken rondom het implantaat of attachment. Vertex™ Implacryl is een high impact materiaal met een slagvastheid die ruim 50% hoger ligt dan conventionele kunststoffen, waardoor de breukgevoeligheid enorm afneemt. Door de hogere sterkte van het materiaal neemt de noodzaak tot reparatie af. Vertex™ Implacryl in combinatie met Acrylic Stain geeft u de mogelijkheid om voor iedere patiënt een esthetische en verantwoorde gebitsprothese te vervaardigen. Vertex™ Implacryl is een cadmiumvrije kunststof en heetpolymeriserend.

Meer informatie?  

Bezoek de website http://www.vertex-dental.com

Hoewel in de tandheelkundige wereld bijna alle patiëntinformatie digitaal is, bestaat de communicatie tussen tandarts en tandtechnisch laboratorium nog veelal uit handgeschreven opdrachtbonnen en opgekrabbelde aantekeningen bij afdrukken. Maar niet voor lang meer, als het aan Vertimart en Excent ligt.

“Automatisering in de tandheelkunde is niets nieuws, bijna alle tandheelkundigen werken digitaal als het gaat om patiënten informatie. En de meesten gebruiken daarvoor ons softwarepakket Exquise. Des te vreemder vonden wij het eigenlijk dat tandtechnici en tandarts nog communiceren via papier.” Aan het woord is Pieter Schram, directeur van Vertimart, dat sinds 1990 automatiseringsleverancier voor de dentale wereld is. Joost Querido, eveneens van Vertimart, haakt hierop in: “De automatisering voor tandtechnici en laboratoria is er wel, maar de koppeling met de tandheelkundige wereld ontbrak. Nu niet meer.” In samenwerking met Excent introduceert Vertimart de ‘Digitale opdrachtbon’. Een koppeling tussen automatiseringsystemen, waardoor digitale communicatie tussen tandheelkundige en tandtechnici mogelijk is. Tom Huigen van Excent is enorm blij met deze ontwikkeling: “Dit past helemaal bij onze visie van zorgeloze tandtechniek, zo kunnen tandartsen en technici optimaal nauwkeurig samenwerken.” Samen met Annette van Wijk heeft hij de digitale opdrachtbon bij de 24 vestigingen van Excent Tandtechniek geïmplementeerd. “We zijn net klaar met een serie van acht roadshows over de digitale opdrachtbon. Meer dan 350 geïnteresseerde tandheelkundigen hebben al enthousiast gereageerd op deze ontwikkeling.”

Niet meer overschrijven
Dat is ook niet vreemd: de koppeling tussen automatiseringsystemen is een logische stap in de digitalisering van de tandheelkundige wereld. Joost Querido: “Met een druk op de knop vult een tandheelkundige nu een opdrachtbon in en verstuurt deze naar het laboratorium.” Pieter Schram: “Overschrijven van het beeldscherm behoort voorgoed tot het verleden. Geloof me, dat gebeurde!” Annette van Wijk kan dat bevestigen. “Ja en dan kon vaak de tandtechnicus de gegevens van papier opnieuw invoeren in het eigen systeem op de computer. De kans op ontbrekende variabelen,
onnauwkeurig invoeren of fouten bij het overnemen van gegevens was aanzienlijk. Nu de digitale opdrachtbon er is, kunnen we exacter werken en komen we niet voor verrassingen te staan. Het maakt tandtechniek voorspelbaarder.” Het accurate systeem heeft nog meer voordelen boven de papieren versie. “Aan tandtechnische werkstukken en restauraties hangt een levertijd. De digitale opdrachten komen direct in ons planningsysteem terecht. Bovendien kan een tandarts desgewenst met meerdere Excent laboratoria samenwerken.” Tom Huigen: “Zo kan een tandheelkundige bijvoorbeeld voor orthodontie direct opdrachten naar Laboratorium Bosboom sturen en voor hoogwaardige esthetische restauraties samenwerken met Oral Design Center Holland.”

Vakmanschap en mensenwerk
Het klinkt ideaal, maar niet iedere tandheelkundige werkt met de software van Vertimart. Joost Querido: “De digitale opdrachtbon hoeft ook niet per se op software van Vertimart aan te sluiten. We hebben de koppeling zo ontworpen, dat deze ook kan communiceren met andere systemen. Zo is het mogelijk om allerlei data, bijvoorbeeld met betrekking tot digitale kleurbepaling, te koppelen aan de opdrachtbon.” De digitale opdrachtbon bevat een werkstukkenbibliotheek waarin de tandarts werkelijk alles op tandtechnisch gebied kan bestellen. De keuzes die worden gemaakt, blijven opgeslagen in het systeem en zo altijd traceerbaar. “We kunnen heel ver gaan met de standaardisering van de digitale opdrachtbon, maar specifieke wensen van tandheelkundigen blijven altijd mogelijk,” zegt Tom Huigen. “Tandheelkunde blijft tenslotte mensenwerk.”

Meer weten over de digitale opdrachtbon?
Bel 0800-3300000,
Stuur een e-mail naar info@excent.eu of
kijk op onze website

Door: Jip Kreijns

Tandtechnici en tandartsen streven een goede verstandhouding na. Als de tandarts makkelijk de telefoon pakt om met zijn tandtechnisch laboratorium te overleggen is de relatie zonder meer goed. Ook als de tandtechnicus de tandarts objectief informeert over nieuwe materialen en technieken en aanbiedt over de toepassing daarvan te overleggen, is de professionele verhouding goed. Die kan excellent worden.

Vooral de digitalisering van de tandtechniek en van de tandheelkunde heeft een enorme invloed op de communicatie en daarmee op de relatie tandtechnicus-tandarts. Dat is al begonnen met het e-mailen van foto’s over en weer, legt Gerard van der Wal uit. Hij is porselein technicus van Dental Design Studio te Grou in Friesland. Dit specialistische laboratorium is onderdeel van Excent. Er worden hoogwaardige keramische restauraties vervaardigd. Van der Wal benadrukt dat communicatie over de esthetiek zonder foto’s onmogelijk is. Dit laat onverlet dat het voor een esthetisch werkstuk een bijzondere meerwaarde heeft als de tandtechnicus de patiënt zelf ziet. Want kleur moet je zien en beleven. Met goede foto’s lukt dat nooit helemaal.

De kleurdiepte die een natuurlijke tand kenmerkt, is met foto’s namelijk niet over te brengen. Daarom ziet Van der Wal de patiënt het liefst zelf. Die vertelt hem bovendien veel meer dan de tandarts hem laat weten over wensen en verwachtingen. Peter Geertsema beaamt dat. Hij is eigenaar van Tandartsencombinatie Geertsema in de stad Groningen. In deze sophisticated praktijk worden alle vormen van tandheelkunde uitgeoefend, waaronder de esthetische tandheelkunde. Daarnaast ligt de kracht van de praktijk onder meer in het toepassen van de modernste technieken. Vandaar dat het Geertsema zeer aansprak om met de Chairside Oral Scanner (C.O.S.) van Lava ook de communicatie met Van der Wal te optimaliseren. Zo hun relatie als professionals niet al goed was, is die dat nu zeker.

Oorspronkelijk plan
Het doel van de Lava C.O.S. is om de digitale workflow te vervolmaken. Digitaal afdrukken is stap 1 in dit proces. Het voorstel van Van der Wal om de Lava C.O.S. bij Tandartsencombinatie Geertsema te gaan gebruiken en zo ook het tandtechnische procédé een digitale boost te geven, werd door Ulf Schepke, een jonge Duitse tandarts in deze praktijk, enthousiast ontvangen. Omdat hij op de Groningse tandheelkundefaculteit al had kennis gemaakt met de orale scanner, had hij meteen de patiënt voor ogen bij wie hij zijn praktijkervaringen hiermee zou gaan uitbreiden: een jonge man wiens bovenfront door een trauma in een slechte conditie verkeerde (afb. 1). De 22 was recent al verwijderd. Het gemis van dit element werd met een partiële prothese tijdelijk gecompenseerd. De 21 en 11 waren met composiet opgebouwd, evenals de 12. In deze laterale incisief was een wortelkanaalbehandeling uitgevoerd, maar mogelijk door een wortelfractuur bleef er een periapicale laesie aanwezig. De 12 was niet te behouden. Omdat de jongeman snel van zijn prothese af wilde, werd besloten om de 11 en 21 te beslijpen als pijlers voor een tijdelijke brug met een onderstructuur van zirkonium. Bij de plaatsing van de brug zou eerst de 12 geëxtraheerd worden, waarna de tijdelijk brug voor deze locatie immediaat geplaatst zou worden. Na genezing van de extractie wond zou voor de definitieve zirkoniumbrug een nieuwe digitale afdruk gemaakt worden. Het liep anders.

Active Wavefront Sampling
Het behandelplan voorziet dus in een tijdelijke vierdelige brug met de 11 en 21 als pijlers en de lateralen als vrij-eindigende dummy’s. Zirkonium is als substructuur sterk genoeg om in deze casus zonder de cuspidaten als pijlers te kunnen. Bovendien blijft de natuurlijke hoektandgeleiding volledig intact door de cuspidaten niet te beslijpen. Vooraf is tussen de tandarts en de tandtechnicus aan de hand van studiemodellen overlegd over de functionele aspecten, met name het onbelast laten van de dummy’s bij de proale en laterale bewegingen. Na deze voorbereiding en uitleg aan de patiënt, worden de vitale 11 en 21 geprepareerd. Afbeelding 2 toont de beide preparaties. Voordat deze digitaal afgedrukt kunnen worden, is het nodig om de preparaties en de buurelementen te ‘dusten’. Bij Lava C.O.S. wordt namelijk Active Wavefront Sampling (AWS) gebruikt. De driedimensionale gegevens van de preparatie worden door 3D video-opnames vastgelegd. Dankzij AWS treedt er daarbij geen vervorming op en werkt het systeem snel. Hiervoor moeten de preparatie en de buurelementen met een geringe hoeveelheid poeder bedekt worden (afb. 3). Vervolgens gaat de tandarts met de camera op een vaste afstand langs de preparatie en de buurelementen, waarmee er als het ware een video wordt gemaakt. Daarmee doet C.O.S. een beroep op het gevoel van de tandarts die de opname maakt (afb. 4).

Te controleren en te traceren
Wanneer een deel van de preparatie op het beeldscherm niet ideaal is, hoeft na correctie van de preparatie niet opnieuw een hele digitale afdruk te worden genomen. De tandarts kan volstaan met een nieuwe opname van het gecorrigeerde deel. Als hij dat deel uit de vorige opname verwijdert, wordt het simpel door de nieuwe opname vervangen. Met de digitale afdruk kan de tandarts zichzelf beter controleren, ook wat betreft de interocclusale ruimte. Op het beeldscherm is het immers mogelijk om de preparaties vanaf oraal te beoordelen. Als de preparaties goed zijn bevonden, wordt met de scanner ook de digitale tegenbeet gemaakt (afb. 5). Tenslotte wordt de relatie bepaald en gaat alle informatie digitaal naar de tandtechnicus. In het lab wordt de afdruk beoordeeld op aspecten als de traceerbaarheid van de outline (afb. 6). Uiteraard kan de outline in detail worden weergegeven en door de tandtechnicus als het ware digitaal worden ingekerfd (afb. 7). Omdat het nodig blijft om over een model te beschikken, werkt Lava C.O.S. met kunststofmodellen die met behulp van de scanafdruk aan het lab worden geleverd (afb. 8). Omdat dit zaagmodellen zijn waarop geen informatie over gingiva meer is, wordt er tevens een partieel model aangeleverd om de tandtechnicus te informeren over de gingivale contouren. Van der Wal vindt dat, wat deze kunststofmodellen betreft, het systeem nog wel voor verbetering vatbaar is. Deze modellen laten minder details zien dan de vertrouwde gipsmodellen. Anderzijds ziet hij het als voordeel dat de tandtechnicus niet meer met gips hoeft te werken.

 

Connectoren
Het is de tandtechnicus die digitaal het design maakt. De ervaring heeft inmiddels geleerd dat het van belang is de kappen zo vorm te geven dat het opbakporselein overal ongeveer dezelfde dikte heeft. Bij een frontbrug zoals in deze casus is extra aandacht voor de connectoren vereist. Het C.O.S.-systeem geeft hiervoor zelf bepaalde waarden die voor een robuuste verbinding zorgen. De tandtechnicus legt in het design die verbinding wat naar palatinaal om de esthetiek niet te compromitteren. In dit specifieke geval heeft Van der Wal aan het ontwerp van de verbinding tussen de beide centralen extra aandacht besteed. Het precieze design daarvan kon door grootte van de freesjes in het centrale Excentfreescentrum te Leeuwarden niet in detail gekopieerd worden. Nadat de gesinterde onderstructuur (afb. 9) aan het lab was geleverd om het porselein Lava Ceram op te bakken, heeft de tandtechnicus eerst de onderstructuur zelf gecorrigeerd, met name ter plaatse van de connectoren. Van der Wal doet dat handmatig, onder de microscoop met een watergekoelde airrotor. Vooral de koeling is cruciaal, want het mag niet gebeuren dat er door onvoldoende koeling onzichtbare cracks in het zirkonium ontstaan. Deze zouden later in de mond voor problemen zorgen.

Fluorescentie
Het zirkonium van de Lava-onderstructuren is in acht kleuren te leveren. Het is dus niet zo dat de tandtechnicus spierwit zirkonium zou moeten maskeren met het opbakporselein. De Lava-onderstructuren worden in de ongesinterde fase in het bad met de gewenste kleur gelegd. Op een vergelijkbare manier als een wit suikerklontje de kleur van koffie opzuigt, wordt het nog zachte zirkonium ingekleurd. Die kleur wordt pas echt zichtbaar na het sinterproces. Gekleurd en gesinterd wordt de onderstructuur aan het lab toegezonden. Deze onderstructuur is tot dusver nog niet fluorescent. Van der Wal verwacht dat deze wens van de tandtechnici wel in vervulling zal gaan, want het zou de natuurlijke esthetiek van zirkoniumrestauraties optimaliseren. Nu is het vooral de kunde van de tandtechnicus die door het juiste gebruik van het opbakporselein de fluorescentie nabootst. Vooral ter plaatse van de cervicale outline vergt dat ervaring met de verschillende soorten Lava Ceram. Het is trouwens ook mogelijk om de zirkoniumkap niet helemaal tot de outline te laten doorlopen en aldus voor de schouder fluorescent schouderporselein te gebruiken. Uiteraard moet hiermee bij het prepareren door de tandarts al rekening worden gehouden. Een extra reden om de communicatie tussen tandarts en tandtechnicus meer dan goed te laten verlopen.

Tijdelijk wordt definitief
Terug naar de casus. Omdat het de bedoeling was om na extractie van de 12 eerst enige tijd met een tijdelijke zirkoniumbrug te functioneren en de volle aandacht op de esthetiek van de geplande definitieve brug gericht zou zijn, werd voor het individueel opbakken en inkleuren van de tijdelijke brug geen afspraak tussen de patiënt en Van der Wal gemaakt. De tandtechnicus maakte de tijdelijke brug aan de hand van alleen de kleurenfoto’s zo fraai mogelijk. Bovendien kon deze brug niet gepast worden, want de 12 was nog aanwezig. Voorafgaand aan het plaatsen van de tijdelijke brug werd eerst dit element verwijderd. Bij het plaatsen ervoer Schepke als tandarts de voordelen van de digitale workflow: de brug paste uitstekend. De kleur en vorm beantwoordden na een geringe aanpassing bij de dummy 12 meer dan verwacht aan de wensen van de patiënt. Dat werd een week later bevestigd. Al na een week was de patiënt zo tevreden met de tijdelijke brug (afb. 10) dat voor hem de stap naar de definitieve brug langdurig mocht worden uitgesteld. Ook al omdat de brug met permanent cement was vastgezet, kon deze wens van de patiënt gehonoreerd worden. Helemaal voldaan functioneert hij nu met de Lava-brug.

Een tevreden patiënt is natuurlijk een geweldige stimulans om met een nieuwe methode verder te gaan. Deze casus bewijst dat met een orale scanner en de daaraan gekoppelde digitale vervaardiging van de onderstructuur voorspelbare resultaten worden verkregen. Daar komt nog bij dat door de orale scanner voor de tandarts en zijn assistente de soms stressvolle conventionele afdruk tot het verleden behoort. In het tandtechnisch laboratorium hebben de digitale technieken hun waarde inmiddels ruimschoots bewezen. Die waarde ligt ook hier in voorspelbaarheid van procedures. Waar vroeger bijvoorbeeld in het aflakken van de stompen verschil in lakdikte ontstond op de overgangen in de stompen, zorgt een digitaal design er nu voor dat overal tussen de stomp en de kap dezelfde ruimte aanwezig is. De grootste waarde van de digitale workflow is de kwaliteit van communicatie. Dankzij de digitale mogelijkheden werken tandarts en tandtechnicus als een hecht team samen, zoals de laatste afbeelding illustreert.

Meer weten over digitalisering en investeringen? 

Vraag vrijblijvend een consult aan met Edwin Boere en ontdek de mogelijkheden voor uw praktijk.
Ga naar
www.dentaldesignstudio.nl/laboratoria/grou of www.excent.eu/voor-tandartsen/diensten/digitale-data-uitwisseling/
bel 0800-3300000 of
stuur een e-mail naar
e.boere@excent.eu

Door: Jip Kreijns

Een restauratie is idealiter sterk en esthetisch. De ervaring met restauraties die helemaal van zirkoniumdioxide zijn vervaardigd, is veelbelovend.

In Nederland heeft tandarts-gnatholoog Ben Derksen ervaring met de volledig van zirkonium vervaardigde kroon. Als traditioneel voorstander van goud als restauratiemateriaal merkt hij dat de moderne patiënt goud steeds minder waardeert. Een restauratie moet wit zijn. Derksen is daarom steeds op zoek gegaan naar alternatieven. Want goud is ook erg duur geworden.

De FullZir restauratie als betaalbaar alternatief
Er dient zich een betaalbaar alternatief voor de gouden kroon aan: de FullZir kroon. Dit is een restauratie die voor 100% uit het sterke zirkoniumdioxide bestaat en door de Excent laboratoria wordt vervaardigd. Voor de gebieden in de mond waar de esthetiek niet prevaleert, is de FullZir-restauratie een alternatief. De esthetiek is (nog) niet als die van een restauratie met opgebakken porselein. Dat komt door het materiaal zirkonium zelf. In gesinterde vorm is het niet erg translucent. De huidige FullZir-restauratie heeft daardoor niet de levendigheid van opgebakken porselein. Daarnaast zijn de inkleurmogelijkheden nog te zeer in ontwikkeling voor toepassing in de esthetische zone. Wel is het mogelijk om een kleurschakering van cervicaal naar occlusaal aan te brengen. Mede hierom vindt de patiënt een FullZir kroon op een verre 1e of 2e molaar veel mooier dan goud. Er is dan ook al een duidelijk indicatiegebied voor.

Geen slijtage van de antagonisten
Volgens Derksen veroorzaakt zirkonium geen slijtage van de antagonisten. Dat komt door de extreme gladheid van het materiaal. Deze is te danken aan de dichtheid van de deeltjes waaruit een 100% zirkoniumkroon is opgebouwd. Bovendien hoeft een FullZirrestauratie veelal niet ingeslepen te worden. Dat komt weer omdat deze kronen bijna volledig digitaal gemaakt worden. Derksen gebruikt de intra-orale scanner van iTero om digitaal af te drukken. Deze scanner legt de beet in maximale occlusie vast, waardoor een precies passende restauratie wordt geleverd. Het voordeel van de occlusale pasvorm is dat de tandarts in beginsel niet aan de FullZirrestauratie hoeft te slijpen. Is dat toch nodig, dan kan dat ter preventie van microcracks alleen met een fijne diamant met ruime spraykoeling. Daarna moet de oppervlakte glad gemaakt worden met speciale rubbers. 

Implantaatgedragen suprastructuur
Een ander indicatiegebied voor de sterke FullZir-restauratie lijkt de implantaatgedragen suprastructuur. Implantaatgedragen restauraties krijgen meer te verduren vanwege de onbeweeglijkheid van de dragende implantaten, waardoor ‘chipping’ wordt bevorderd. In de niet-esthetische zone zou FullZir dat probleem kunnen elimineren. Derksen paste overigens ook al een soort hybride restauratie toe. De minder esthetische restauratie voor achterste elementen is dan volledig van zirkonium, terwijl die in de esthetische zone bestaat uit veneerporselein gebakken op het “teruggeslepen” zirkonium.

Eigenlijk moet elke moderne tandarts van deze nieuwe restauratieve mogelijkheid kennisnemen.

Meer informatie?  

Neem contact op met uw Excent tandtechnisch laboratorium
Tel. 0800-3300000
Email info@excent.eu
Bezoek website http://www.excent.eu/locatievinder/ of http://www.excent.eu/educa-club/

Ben Derksen is als tandarts werkzaam in zijn tandartspraktijk Rijnzigt in Arnhem en verzorgt als gastdocent de lezing “FullZir®, eindelijk een alternatief voor goud” voor de Excent Educa Club 2011

24 maart 2011 | Herman Middelweerd (54) begon in 1981 een tandartspraktijk aan de Herenweg 77 te Warmond. Hij specialiseerde zich in de implantologie en de praktijk groeide uit tot het Centrum voor Tandheelkunde en Implantologie met ruim twintig medewerkers. Naast de fullservice tandartspraktijk heeft Herman de gewoonte om grenzen op te zoeken. Niet alleen met waterskiën op het water van de Kagerplassen, maar ook tijdens zijn reizen naar onbekende oorden.


 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Niet voor standaard plaatjes
Het extreme zoek ik inderdaad wel een beetje op: parachutespringen tijdens een vakantie in Nieuw Zeeland, wakeboarden en waterskiën op de Kaag. Daar ben ik mee begonnen na een zeilreis in Griekenland. Met vijftig kilometer per uur over het water razen geeft echt een kik, maar na een kwartier ben je wel kapot. En als je valt trouwens ook, dan kun je een week je schouder niet gebruiken. Veel leeftijdgenoten zijn om die reden afgehaakt.” Het lijkt Herman niet zo te deren. De implantoloog gaat niet voor de standaard plaatjes. Ook niet tijdens zijn reizen. “Als je de foto’s bekijkt van de reizen die ik met mijn vrouw maak, zie je geen beelden van kathedralen, tempels of andere toeristische attracties. Wij gaan voor de beleving en het contact met de lokale bevolking, niet voor de highlights uit de reisfolder.” Zo ging de tandarts backpacken in China en Tibet en verkende hij in een holle boomstam een rivier in Suriname. “In China huurden we een fiets en gingen de binnenlanden in. Dan ontdek je het land pas echt. Mensen spreken alleen maar Chinees en dus moet je met handen en voeten duidelijk maken wat je wilt. In het westen werden we door Tibetanen uitgenodigd om in een nomadentent een kommetje yakmelk te drinken. Heel gastvrij, maar lekker is anders.” Bij dit soort reizen ben je natuurlijk niet verzekerd van louter prettige ervaringen. “Ik heb altijd de behoefte gehad om nieuwe plekken te ontdekken. Maar inderdaad, niet alles is even leuk. Het sanitair in China is echt middeleeuws en eten doe je op straat. Daar ben ik overigens nog nooit ziek van geworden. In Suriname waren we in een onbegaanbaar gebied waar iedereen zich waste in de rivier. Daar zwommen de piranha’s langs je enkels!”

Back to Basic
Een indrukwekkende reis van Herman was die naar de Vanuatu eilandengroep, ten noordoosten van Australië. “Het kostte ons alleen al drie dagen om daar te komen, maar dan ben je ook wel op een ongeschonden plaats. Geen elektriciteit, geen water, behalve de neerslag uit het regenseizoen. Een prachtig strand en oerwoudpaden, maar verder niets.” Dat betekende dat Herman en zijn vrouw zich behoorlijk moesten aanpassen. “We zijn daar in een maand tijd volledig geïntegreerd. Het is wonderlijk hoe snel je vertrouwd raakt in zo’n basale plaats en hoe mensen je opnemen in hun leven.” Een prachtig verhaal, maar hoe verzin je nu om af te reizen naar Vanuatu? “We kwamen op Vanuatu via een vriend die op een zeilreis rond de wereld daar terecht kwam. Hij zag de bevolking en de gezondheidsproblemen hier en besloot een kliniek op te richten. Basale geneeskunde, waarmee de mensen enorm geholpen zijn. Ik heb ook geholpen in de kliniek met kiezen trekken. Maar de tandheelkunde is niet waar ik voor kwam. Veel mooier was het om iemand te helpen een golfplaten dak op zijn huis te maken. Dan kom je erachter dat het leven niet van dakpannen afhankelijk is.” Na een maand ‘back to basic’ is terugreizen naar de westerse wereld ook een hele ervaring. “Ik weet nog goed dat ik mij in Sydney heb staan vergapen voor een witgoedwinkel met koffiezetapparaten, wasmachines, magnetrons… Ongelooflijk dat mensen al die spullen hebben gemaakt, terwijl je ook makkelijk zonder kunt.”

Risico
Het ondernemen van avontuurlijke reizen, zoals Herman Middelweerd graag doet, is niet geheel zonder risico. “Ik ga wel goed voorbereid op pad, zorg voor een GPS en gevulde medicijndoos. Want zodra je van het gebruikelijke pad afslaat weet je nooit waar je terecht komt. Je staat wel te kijken hoeveel je jezelf kunt redden in vreemde situaties. Gelukkig heb ik niet écht nare dingen meegemaakt en blijft de praktijk ook prima zonder mij draaien. Dat is zeker een zorg minder!”

Get Adobe Flash playerPlugin by wpburn.com wordpress themes