Header image

Door: R. de Kooker en D. Schaap

Het vervaardigen van prothetische werkstukken gebeurt al sinds de jaren vijftig van de vorige eeuw met polymethylmethacrylaat (PMMA). Maar door de ontwikkeling en verdergaande toepassing van lichaamsvreemde materialen in tandheelkunde en tandtechnische materialen, lijkt het aantal allergische reacties toe te nemen. Een mooi alternatief voor PMMA is het werken met thermoplastische kunststof.

“Vooral oudere collega’s in de tandheelkunde en tandtechniek zullen ze nog wel kennen: de moeizaam geproduceerde gevulkaniseerde rubberen protheses. De opkomst van PMMA vervaardigde protheses was dan ook een verademing”, vertelt Rob Markus, Kwaliteitsmanager Tandtechniek bij Excent. “De kwaliteiten van een PMMA werkstuk waren superieur ten opzichte van de rubberen prothese. Maar ondanks de razendsnelle
ontwikkelingen op het gebied van kunststoffen wordt na zestig jaar het merendeel van de gebitsprotheses nog steeds geproduceerd met producten gebaseerd op een tweecomponenten MMA-PMMA systeem. Het enige verschil met de vorige eeuw is dat het gieten van werkstukken nu de standaard is, waar eerst nog alles geperst werd.”

Allergische reacties
Patiënten met gevoeligheid voor lichaamsvreemde materialen vertonen meer en meer allergische reacties op partiële en volledige PMMA vervaardigde gebitsprotheses. “Het is zaak om voor die situaties op zoek te gaan naar alternatieve technieken. In de afgelopen veertig jaar zijn onder andere lichtuithardende pastasystemen tot magnetronpolymerisatie en van gesloten injectietechniek tot thermoplastische systemen de revue gepasseerd. Vooral die laatste techniek kent vele varianten en mogelijkheden, maar vanwege het flexibele karakter en vaak slechte uitziende kwaliteit van de materialen zijn thermoplastische systemen nooit echt  
“populair geworden in Europa. Terwijl het aantal allergische reacties op thermoplasten aanzienlijk minder is.”

Thermoplasten
Thermoplasten zijn polymeren die door temperatuurverhoging reversibel vloeibaar worden gemaakt. Door thermoplasten in gesmolten toestand in een vorm te brengen, kunnen deze gefixeerd worden na afkoeling.
Rob Markus: “Thermoplasten zijn volledig vrij van restmonomeren, versnellersystemen en stabilisatoren. Bovendien hebben thermoplastische producten altijd een homogene samenstelling en is het consistent tijdens de
verwerking. Daarnaast vormen thermoplastische materialen geen belasting voor de verwerker, wat wel zo prettig is.” De meest gebruikte thermoplastische producten zijn gebaseerd op polyamide. “Polyamiden kenmerken
zich door hun flexibiliteit, taaiheid, hoge breuksterkste, transparantie en hitte en chemische bestendigheid. Zo bieden producten zoals Vertex ThermoSens een uitstekend alternatief voor patienten met een gevoeligheid voor PMMA.”

Excent Tandtechniek Het Groene Hart (voorheen Stolwijk en Gouda) heeft kennis, kunde en materialen in huis om prothetische werkstukken om te zetten in thermoplastische kunststof.
Neem voor vragen over kosten en levertijden van ThermoSens contact op met Ruud Tomberge, bel 0182-519533 of mail r.tomberge@excent.eu.

‘Ideaal bij ruimtegebrek, minder reparaties’

Bij het vervaardigen van een overkappingsprothese op natuurlijke elementen en/of implantaten zijn er vaak ruimte problemen ter hoogte van de attachments. Er moet dikwijls gekozen worden voor een ander attachment omdat anders het gevaar van breuk te groot is (Brewer en Morrow 1980). Een ander nadeel van te weinig ruimte is dat er afgewerkt moet worden met een dunne kunstharslaag, met het gevolg van doorschemeren van het attachment en later beuk van de kunsthars.

Problemen in het nazorgtraject beperken zich tot de attachments en de kunsthars. Overkappingsprothesen worden over het algemeen als dento-/implanto-mucosaal gedragen constructies gemaakt. Alle krachten die op de prothese worden uitgeoefend zullen daardoor op de mucosa en op de implantaten/natuurlijke elementen worden doorgevoerd. Genoemde problemen uiten zich met name in breuk of retentieverlies van de attachments en later in breuk van de kunsthars. Retentieverlies bij de attachments is relatief eenvoudig op te lossen bij de juiste keuze van het attachment in de juiste casus. Activeren van metalen clips en/op drukknoppen gaat relatief eenvoudig. Fracturen van attachments en breuk van de kunsthars liggen wat gecompliceerder. Allereerst gaan we ervan uit dat in een situatie waarbij er sprake is van breuk van attachment en breuk van kunsthars er andere oorzaken hieraan ten grondslag kunnen liggen. We laten deze buiten beschouwing, ervan uitgaande dat we hier te maken hebben met lege artis uitgevoerde behandeling en dat andere oplossingen zoals daar zijn rebasing of relining inmiddels zijn uitgevoerd.

Breuken
Breuk van de kunsthars is een veel voorkomend probleem met name bij de overkappingsprothese op natuurlijke elementen, als gevolg van te weinig intermaxillaire ruimte en/of een ‘te hoog’ vervaardigde suprastructuur. Bij een overkappingsprothese op implantaten zien we fractuur van de kunsthars met name distaal van de suprastructuren en/of linguaal in het onderfront. Vaak wordt daar een versterking aangebracht die moet voorkomen dat er breuk optreedt. Bij een overkappingsprothese op natuurlijke elementen is daar bijna helemaal geen ruimte meer voor en kiest men vaak voor het zeer dun uitwerken van de kunsthars om zo esthetisch nog een acceptabel resultaat te behalen (zie afbeelding). Juist op deze dun uitgewerkte plaatsen, omdat de huidige kunstharsen daarvoor niet geschikt zijn, breekt de prothese. Om dit soort problemen te voorkomen zou Vertex™ Implacryl een oplossing kunnen zijn. Uit de literatuur blijkt dat er diverse oplossingen zijn bedacht voor bovenstaande problemen. Er is geprobeerd deze problemen te voorkomen middels het maken van zachte bases in prothesen (Kiat-Amnuay et al, Journal of Prosthetic Dentistry 1999, Cain en Mitchell, International Journal of Oral and Maxillofacial Implants 1998). Er zijn ook nog wat andere behandelingen uitgevoerd om breuk van kunsthars te voorkomen. Er is zelfs gebruik gemaakt van een flexibele cast, zodat je met je kunsthars beter uit de voeten zou kunnen. (Boberick en Wyke, Journal of Prosthetic Dentistry 1999).

Regelmatige controle
Het nadeel van deze zachte basismaterialen in een overkappingsprothese is dat de zachte basis weer loslaat van de harde kunsthars. De buigzaamheid in dit materiaal van de zachte basis gaf het voordeel van het opvangen van de kauw- en andere krachten in de mond. De studie van Kiat-Amnuay gaf aan dat op siliconen gebaseerde bases meer retentief zijn dan de kunsthars-zachte-basismaterialen. Hetgeen inhoudt dat de voorkeur uitgaat naar gebruik van een siliconenbasis-kunsthars, als je kiest voor een zachte basis en om bovenstaande problematiek te vermijden. Echter, zoals gezegd, kwamen er weer andere problemen aan het licht of zijn er de bekende problemen met zachte-basis-materialen. Eén van de belangrijkste conclusies uit het onderzoek van Walton en Ruse, gepubliceerd in het Journal of Prosthetic Dentistry in 1995, is dat problemen met kunsthars en suprastructuren bij overkappingsprothesen meer te verwachten zijn als gevolg van functionele of parafunctionele krachten dan het in- en uitnemen, op lange termijn gezien. Hetgeen inhoudt dat regelmatige controle van overkappingsprothesen op natuurlijke elementen, dan wel implantaten, absoluut noodzakelijk is. 

Stevig en toch flexibel
Een ander belangrijk aspect met het oog op de mandibulaire overkappingsprothese op implantaten is de deformatie van de mandibula. Een belangrijk onderzoek van Hobkirk et al, Journal of Prosthetic Dentistry 1998, geeft aan dat de mandibulaire deformatie een significante invloed heeft op de krachtendistributie in de overkappingsprothese, gerelateerd aan de abutments en de wortels en/of implantaten. Hetgeen inhoudt dat in het geval van een overkappingsprothese, die volledig uit kunsthars is vervaardigd en dentomucosaal wordt gedragen, er toch een vorm van flexibiliteit in de kunsthars aanwezig moet zijn om deze deformatie te kunnen pareren. Verder zijn er in de literatuur diverse onderzoeken gedaan naar stressdistributie op de metaalconstructie, vervaardigd met porselein en kunsthars. De conclusie die daaruit getrokken moet worden is dat het niet zozeer uitmaakt welk materiaal er gebruikt wordt met het oog op krachten op natuurlijke wortels en/of implantaten. Niet-significante verschillen worden daar gevonden, hetgeen verklaart waarom er niet altijd een versterking noodzakelijk is bij een overkappingsprothese. De overkapppingsprothese op implantaten kan vervaardigd worden met of zonder infrastructuur (zie afbeelding) met name drukknoppen, magneten en staaf/hulsconstructies hebben vaak een ruimteprobleem. Dit kan opgelost worden met een steviger materiaal wat toch enige flexibiliteit heeft: Vertex™ Implacryl.

VERTEX™ IMPLACRYL
Vertex Implacryl is een extra sterke kunststof ontwikkeld voor de vervaardiging van volledige en partiële gebitsprothesen, en met name voor implantaatgedragen gebitsprothesen. Aan de kunststof van deze gebitsprothesen worden hogere eisen gesteld door de dunne en dus vaak zwakke plekken rondom het implantaat of attachment. Vertex™ Implacryl is een high impact materiaal met een slagvastheid die ruim 50% hoger ligt dan conventionele kunststoffen, waardoor de breukgevoeligheid enorm afneemt. Door de hogere sterkte van het materiaal neemt de noodzaak tot reparatie af. Vertex™ Implacryl in combinatie met Acrylic Stain geeft u de mogelijkheid om voor iedere patiënt een esthetische en verantwoorde gebitsprothese te vervaardigen. Vertex™ Implacryl is een cadmiumvrije kunststof en heetpolymeriserend.

Meer informatie?  

Bezoek de website http://www.vertex-dental.com

Get Adobe Flash playerPlugin by wpburn.com wordpress themes